Sfeerbeeld bij een getuigenis: licht doorbreekt de nacht

Getuigenis Helmout: Ik vond geen kracht in mezelf, maar werd gevuld door Gods liefde

Sommige patronen in je leven ontstaan niet door één verkeerde keuze, maar door iets wat je jarenlang mist. Je leert ermee leven. Je past je aan. Van buiten lijkt alles in orde, maar vanbinnen draag je iets met je mee dat nooit echt is aangeraakt. Pas later ontdek je dat wat je probeerde te bestrijden, niet het echte probleem was — maar een symptoom van iets veel diepers.

Dit is mijn verhaal.

Jeugd – leren zonder woorden

Ik groeide op met een vader die geen slechte vader was. Hij zorgde voor ons, deed dingen met ons, was praktisch betrokken. Hij leerde mij eerlijkheid en gehoorzaamheid, maar emotioneel bleef hij op afstand. Geen arm om je heen en ik heb hem nooit horen zeggen: “Ik hou van je” of “Ik ben trots op je.” Geen woorden die je als kind bevestigen, geen kwetsbaarheid die je leert dat je gezien wordt.

Ik neem hem dat niet kwalijk. Hij kon niet geven wat hij zelf nooit had ontvangen. Maar het gemis was er wél. En zonder dat ik het doorhad, leerde ik iets fundamenteels: ik moet het zelf doen. Niet te veel voelen, maar doorgaan. Mijn hoofd werd sterk, mijn hart ging langzaam dicht.

Puberteit – een eerste vlucht

Rond mijn veertiende kwam ik voor het eerst in aanraking met seksueel getinte beelden. Niet bewust gezocht, niet gepland. Het kwam op mijn pad. Wat ik toen nog niet begreep, maar nu wel zie: het raakte precies dat lege stukje in mij.

Ik vond er iets wat leek op troost. Even geen spanning. Even geen gemis. Even geen onrust. Het vroeg niets van mij. Geen kwetsbaarheid, geen afwijzing. Tegelijk kwam er schaamte bij. En juist die combinatie — troost en schaamte — maakte dat ik het verborgen hield.

In mijn puberteit werd dit een verslaving. Niet constant, niet altijd even heftig, maar wel terugkerend. Steeds weer nam ik me voor: dit was de laatste keer. En soms lukte dat een tijd. Maar het kwam terug. En hoe meer ik het verborgen hield, hoe sterker het werd.

Volwassen leven – functioneren zonder vrijheid

Van buiten functioneerde ik prima. School, werk, kerk. Niemand zag wat er speelde. Maar vanbinnen bleef er leegte en onrust. Ik probeerde het met discipline, met wilskracht, met goede voornemens. Het hielp tijdelijk, maar nooit blijvend.

Later dacht ik dat verantwoordelijkheid en een relatie dit zouden oplossen. Ik wilde het goed doen. Ik was iemand die zijn best deed, die wilde pleasen, die hoopte dat erkenning en liefde vanzelf zouden volgen. Ik trouwde, en we zijn uiteindelijk vijfentwintig jaar getrouwd geweest.

We verlangden allebei naar liefde, erkenning en veiligheid, maar we brachten ook onze wonden mee. Mijn worsteling bleef — door drukte veelal - op de achtergrond, soms echter duidelijk aanwezig. Het ondermijnde vertrouwen. Het bracht wantrouwen en spanning. Ik begreep dat. Maar wat ik nodig had om echt te veranderen, was niet alleen controle of correctie. Ik had veiligheid, erkenning en liefde nodig, dat werd mij steeds duidelijker..

Huwelijk – leven op eieren

De spanning in ons huwelijk nam toe. Ik liep op eieren. Ik probeerde te voldoen. Ik dacht: als ik maar genoeg mijn best doe, wordt het rustig en beter. Maar ondertussen raakte ik mezelf kwijt. Er kwamen gesprekken, therapieën, pogingen om het te herstellen. Toch escaleerde het uiteindelijk zo dat het niet meer veilig voelde.

Toen de scheiding kwam, was er verdriet — maar ook opluchting. Eindelijk rust. Dat alleen al liet zien hoe diep ik vastzat. Ik voelde mij een “uitgelubberd elastiek".

Scheiding – ruimte voor de echte vragen

Na de scheiding begon er iets te verschuiven. Niet meteen zichtbaar, maar vanbinnen. Ik merkte dat ik niet langer alles met mijn hoofd wilde oplossen. Ik wilde begrijpen waarom ik steeds vastliep op hetzelfde punt. Waarom discipline nooit genoeg was geweest.

Ik begon te zien dat mijn worsteling niet begon bij gedrag, maar bij leegte. Bij een gemis aan liefde, erkenning en emotionele veiligheid.

Het graf – confrontatie met de oorsprong

Op een dag wist ik ineens: ik moet naar het graf van mijn vader. Ik kwam daar niet vaak, maar dit voelde anders. Niet uit nostalgie, maar omdat er iets afgemaakt moest worden.

Daar, bij zijn graf, kwam alles samen. Het gemis. De pijn. De liefde die ik als kind zo nodig had gehad, maar nooit echt had ontvangen. En ik besefte: ik moet hem vergeven. Niet omdat hij slecht was, maar omdat het gemis een wond in mij was geworden.

En terwijl ik daar stond en uitsprak dat ik hem vergaf, gebeurde er iets wat ik niet kan afdwingen of verklaren. Ik voelde liefde. Echte, diepe liefde. Voor mijn vader, wat ik nog nooit zo had ervaren. En tegelijk voelde ik dat God iets in mijn hart aanraakte, waarbij het gevuld werd met Zijn liefde voor mij.

Doorbraak – geen strijd meer

Wat daarna gebeurde, verraste me misschien nog wel het meest. De drang naar porno verdween. Niet langzaam, maar direct duidelijk de dagen erna. Ik dacht de eerste weken/maanden: "dit kan niet” en "garantie tot de deur”. Ik kon gewoon niet geloven dat iets wat vanaf je pubertijd speelt in één keer niet meer aanwezig was. Niet omdat ik sterker werd, maar omdat er iets genezen werd.

Ik wist en geloofde na een tijdje: dit is absoluut geen zelfbeheersing. Dit is verlossing!

Langzaam begon ik te begrijpen wat er was gebeurd. Mijn gedrag was nooit het echte probleem geweest. Het was een lapmiddel. Een manier om een leegte te verdoven die ontstaan was door een gemis aan liefde en bevestiging.

Als je je diep vanbinnen niet geliefd en erkend voelt, ontstaan er leugens: ik ben niet geliefd, ik moet hard werken voor erkenning, én ik heb recht op “troost”. Maar wanneer die leegte wordt gevuld met Liefde zelf, verliest het lapmiddel zijn kracht.

Na de doorbraak – eerlijker met God

Dat betekende niet dat alles ineens makkelijk werd. Er kwamen andere lagen naar boven. Boosheid richting God. Vragen als: waar was U dan toen en toen en toen....? Ik leerde dat God niet schrikt van eerlijke emoties. Hij wil geen nette vragen, maar een open hart.

Langzaam begon ik te zien dat God er al die tijd was geweest. Hij had me beschermd, ook op momenten dat ik het niet zag en was er al die tijd bij geweest. Het probleem was niet dat God ver weg was — het probleem was dat ik de emotionele nabijheid van mijn eigen vader niet kende en dat onbewust projecteerde op God en Hem daardoor op afstand hield.

Vandaag – leven vanuit het hart

Vandaag weet ik het niet alleen in mijn hoofd, maar ook in mijn hart: God is dichtbij, één zucht bij mij vandaan. Ik ben niet meer alleen!

Ik ben niet vrij geworden omdat ik ineens sterk genoeg was. Ik ben vrij geworden omdat ik werd gevuld met de liefde van Vader God op de plek waar de leegte zat.

Wat ik heb geleerd, is dit: echte vrijheid begint niet bij harder je best doen, maar bij durven voelen en de bereidheid je volledig over te geven aan Zijn liefde. Bij eerlijk worden over de onderliggende pijn. Bij toelaten dat God komt op plekken waar je zelf liever niet kijkt, maar zó nodig om echt tot herstel en heling te komen..

Mijn verlangen is dat anderen dit ook mogen ontdekken. Dat ze niet blijven vechten in het donker, maar hun hart in het licht brengen. Want waar De Liefde zelf binnenkomt, verliest het lapmiddel zijn macht. En waar God geneest, ontstaat vrijheid die je je niet kan voorstellen. De schaamte voorbij!

Helmout

← Terug naar overzicht Terug naar boven ↑